Een kind kan de was doen..

Een tijdje terug was ik iets te vroeg voor mijn halfjaarlijkse controle afspraak bij de tandarts. Gedachteloos zat ik aan de tafel in de wachtkamer wat te bladeren in een tijdschrift. Tot mijn oog op een artikel viel met de titel ‘Een kind kan de was doen’. Mijn interesse was gewekt en mijn bladeren sloeg om in lezen. Ik had nog wat alinea’s te gaan toen de assistente mijn naam riep, maar de strekking van het verhaal was mij wel duidelijk: de pubers van tegenwoordig vervullen (te) weinig huishoudelijke taken.

Terwijl ik achteroverleunend met mijn mond open in de tandarts stoel lag, dacht ik na over de rol van mijn pubers in het huishouden. Ik kwam al snel tot de conclusie dat die van mij ook best iets meer konden doen. En terwijl de tandarts wat tandplak verwijderde besloot ik vrolijk dat ze er een nieuwe taak bij kregen. Was opruimen.

Thuis trof ik ze alle drie in hun kamers achter een computer aan. Ik stelde ze gelijk op de hoogte van hun nieuwe taak. Ze knikten en mompelden wat en tot mijn verbazing kreeg ik geen enkele vorm van tegengas. Het was kennelijk geen probleem. Ik liep dan ook gelijk door naar de zolder. Daar hangt over de balustrade altijd wel een wasje aan een rek te drogen. Ik haalde de knijpers los zodat het wasgoed door het trapgat naar beneden dwarrelde en ergens onderaan de trap en in de hal van de tweede verdieping belandde. Daarna riep ik opgewekt terwijl ik langs hun kamers liep: ‘Jongens, de was kan worden opgeruimd!’

Net voordat het eten klaar was, riep ik ze om de tafel te dekken. Terwijl ze met borden en bestek heen en weer liepen, vroeg ik of het gelukt was met de was . Er werden verbaasd wenkbrauwen en schouders opgehaald. ‘De was?’, klonk er verontwaardigd, ‘moest dat nu al ?’ Om beneden te komen waren ze hoogstwaarschijnlijk bijna over de ronddwalende kledingstukken gestruikeld. Maar goed. Er ontstond wat discussie over wie nu tafel ging dekken en de was op ging ruimen. Ik besloot dat het verstandiger was om me maar weer op de potten en pannen te richten en af te wachten. Even later was de tafel gedekt en het wasje opgeruimd. Ik vond het verrassend snel. Dit kan ik er best inhouden besloot ik positief.

En nu wordt onze was dus af en toe door de kinderen in de kasten gelegd. Maar inmiddels ben ik er wel achter dat het nog niet geheel vlekkeloos verloopt. Zo kwam ik een keer in een spijkerbroek van Tim (vriendje van Lot) naar beneden, Daan in een korte broek van mij en Stijn in een shirt van Mark. Kortom, je moet tegenwoordig een beetje opletten als je iets uit de kast van de stapel pakt. En dat is nog even wennen. Net kreeg ik een appje van Mark. Hij staat in een kleedkamer van een sportschool en heeft zich in een sportbroek van Daan (14 jaar, maat S) gewurmd. Ademhalen lukt niet meer. O ja, denk ik, Perry Sport had onlangs een aanbieding: 3 halen 2 betalen. Mooi en handig vond ik toen. En kocht precies dezelfde broek in drie verschillende maten ( s, m en l). Nu blijkt dat dus helemaal niet handig te zijn want er is natuurlijk geen kind die eerst op een etiket naar de maat gaat zoeken om zo te bepalen in welke kast het broekje hoort. Maar ach, dit probleem wordt, net zoals zoveel problemen in het leven, door de tijd vanzelf opgelost. Heus. Ooit passen al mijn mannen in een L.

Er is slechts één reactie mogelijk. Ik app mijn man dan ook terug met de woorden: ‘Ik wil een selfie!’

2 antwoorden
  1. Mieke
    Mieke says:

    Ariena wat een herkenbaar stukje en wat kwam dit op een mooi moment. Had ik nodig een verhaaltje waar ik een glimlach om mijn mond van krijg. Het relativeert zo heerlijk. Bedankt

    Beantwoorden

Laat een reactie achter

Wilt u zich mengen in de discussie?
Voel u niet bezwaard om bij te dragen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *